De FOD Justitie stelt regelmatig ministeriële besluiten op. Zo schrijven de juristen besluiten voor de burger, zoals dat over de vergoeding voor een zogenaamde onwerkzame voorlopige hechtenis. Omdat het eerste ontwerp van dit document nogal ambtenarees aandeed, was een meer leesbare versie dringend aan de orde.

Wie vrijgesproken is of buiten vervolging is gesteld, kan een vergoeding aanvragen bij de dienst Geschillen en Juridische adviezen. De dienst gaat dan na of de aanvrager recht heeft op een vergoeding. Indien terecht, stellen de juristen een ministerieel besluit op om de vergoeding toe te kennen. Dat besluit is gericht aan de burger, maar door de traditionele formulering ervan, was het moeilijk te begrijpen. Geïnspireerd op een wet uit 1973, ademde het model de sfeer uit van toen: passieve zinnen die beginnen met ‘gelet op’ of ‘overwegende dat’, Latijnse formuleringen, paragrafen van één enkele zin, enz.

Gezamenlijke opdracht

De dienst Geschillen en Juridische adviezen streeft samen met andere actoren uit de juridische wereld naar helder taalgebruik. Bij de FOD Justitie hebben de juristen van het directoraat-generaal Wetgeving al meer dan 150 teksten voor de burger herschreven. Voor de nieuwe modellen van het ministerieel besluit in de dossiers onwerkzame voorlopige hechtenis, inspireerde de dienst zich op de aanbevelingen van Karl Hendrickx, taaladviseur bij het Rekenhof. Hij hamert onder meer op het belang van paragrafen en subtitels in een tekst, of op dat om herhalingen te vermijden.

Vervolgens liet de dienst de ontwerptekst controleren door Karl Hendrickx. Hij formuleerde enkele aanvullende tips, zoals de meerwaarde van actieve zinnen waarin de burger het onderwerp is. Jammer genoeg kon de dienst niet alle voorstellen toepassen omdat je nu eenmaal bepaalde uitdrukkingen en zinswendingen uit de wet moet behouden om de rechtsgeldigheid van het besluit te garanderen. Tot slot is de tekst in het Frans vertaald.

Je schrijfstijl aanpassen is niet zo evident: rechtsdeskundigen bestuderen en gebruiken de juridische taal dagelijks. Sommige juristen behouden liever de bestaande (en vaak moeilijk begrijpbare) formuleringen om de rechtsgeldigheid en de professionaliteit van een tekst te verzekeren. Toch is het aanpassingswerk noodzakelijk, want ‘het recht moet aan iedereen toebehoren’.

Durf!

Nele Verlinden, een medewerkster van de dienst, heeft een tip voor wie beter leesbare documenten wil schrijven: “Zoek een korte, oude juridische tekst die regelmatig wordt gebruikt. Probeer die tekst vervolgens te herschrijven voor een lezer die niet vertrouwd is met juridisch taalgebruik. Door zo te oefenen, zal alles wat je schrijft klaar en duidelijk worden.” Kortom: durf!

Wist je dat …?

Iedere aanvraag tot vergoeding verschilt en heeft betrekking op een specifieke periode van voorlopige hechtenis. Soms kennen de juristen van de dienst slechts een deel toe van de hechtenis en weigeren ze de rest.

► De vergoeding voor de onwerkzame voorlopige hechtenis in cijfers

In 2016: 88 aanvragen tot vergoeding

  • 53 vergoedingen toegekend (totaalbedrag: 294 499,90 euro)
  • 35 weigeringen

In 2017: 80 aanvragen tot vergoeding

  • 62 vergoedingen toegekend (totaalbedrag: 334 814,41 euro)
  • 17 weigeringen
  • 1 dossier in afwachting van een definitieve beslissing

In 2018: 89 aanvragen tot vergoeding

  • 61 vergoedingen toegekend (totaalbedrag: 352 533,45 euro)
  • 21 weigeringen
  • 7 dossiers in afwachting van een definitieve beslissing

Voor 2019: 97 aanvragen tot vergoeding

  • 37 vergoedingen toegekend (totaalbedrag: 242 601,36 euro)
  • 21 weigeringen
  • 39 waartegen in afwachting van een definitieve beslissing

 Klik hier voor het nieuw ontwerp van ministerieel besluit  (PDF, 66.35 KB)

Contact

press@just.fgov.be